Historisch Archief Beltrum

Zoek

Jenaplanschool

Ook na 1955 blijft er groei zitten in het aantal kinderen dat geboren wordt. Beltrum krijgt nieuwbouw (eerst de Hassinkstraat en later de Haarstraat) en het schoolbestuur kan met de ogen dicht uitrekenen dat het een kwestie van tijd is, of er zal op beide scholen ruimte zijn voor een 7e leerkracht. Daarbij zullen zich opnieuw een aantal ‘problemen’ voordoen. Ten eerste zullen er niet voldoende lokalen zijn. Dus zal er weer gebouwd moeten worden en daar is ter plekke niet altijd ruimte voor. Vervolgens zullen alle schoolklassen opgesplitst moeten worden en zal elke leerkracht te maken krijgen met z.g. combinatiegroepen. En dat in een tijd dat het als ideaal wordt gezien om te werken met één leeftijdsgroep. Het werken met één leeftijdsgroep per klas is trouwens een luxe die we in Beltrum dan pas een paar jaren kennen. Vóór 1960 heeft zowel de jongens- als de meisjesschool recht gehad op minder dan 6 leerkrachten. In de beide eerste en tweede klassen zitten totaal 81 en 80 leerlingen. Vergeleken met de beide laatste klassen, respectievelijk 65 en 63 leerlingen, is dat een forse stijging. Die groei zal nog wel even aanhouden, omdat er in Beltrum vanaf 1965 opnieuw flink nieuwbouw wordt gepleegd (Kampstraat/ Hofstraat). De jonge gezinnen zullen zoals verwacht veel klanten leveren voor de scholen! Verder is per 1 september 1965 de leerlingenschaal weer omlaag gegaan en nu dient zich de vraag aan of de bestaande scholen moeten worden uitgebreid, dan wel moet worden overgegaan tot de oprichting van een derde school.

Jenaplanschool

Het kerkbestuur stuurt in 1965 een brief naar de Bisschop in Utrecht met het verzoek om een derde lagere school voor gewoon lager onderwijs te mogen oprichten. De bisschop geeft toestemming voor een derde school. Er vindt in 1965 bestuurlijk gezien een wisseling van de wacht plaats. Het toenmalige Kerkbestuur is van menig dat een aantal leken zich bezig moet houden met het besturen van de scholen. Er komt een nieuw schoolbestuur. Het jonge schoolbestuur, kijkt anders tegen school en de onderwijsvernieuwingen aan. Het ‘zitten-blijven’ is in hun ogen uit de tijd. Een klas overdoen omdat de tafels niet beheerst worden, is niet logisch als het kind andere dingen wel redelijk kan. Onderwijskundigen uit die tijd denken dat een dergelijk kind in een klassendoorbrekend systeem die achterstand vaak ineens goed kan maken en dan kan het kind bij zijn leeftijdsgenoten gewoon in de groep blijven. Ook jonge leerlingen en ‘laatbloeiers’ zijn dikwijls in staat om een aanvankelijke onderwijsachterstand in de loop van 6 schooljaren weg te werken. Met deze gedachten in hun hoofd gaat het schoolbestuur op zoek naar een nieuw hoofd voor de derde school, dat anders denkt over onderwijs dan tot nu toe in Beltrum het geval is. Er wordt een advertentie geplaatst en alle sollicitanten worden op hun werkplek bezocht. In Assen vinden ze Joop Robbe. Op de school waar hij werkt zijn ze al volop bezig met onderwijsvernieuwingen, zonder dat het beestje een aparte naam heeft. Het schoolbestuur benoemt Robbe met ingang van schooljaar 1966–1967.
Al bij de start van het schooljaar 1965–1966 worden de nieuwe eerstejaars kinderen in drie groepen ingedeeld. Om de klassen op de 3 scholen zo gelijk mogelijk te krijgen, kiest het schoolbestuur voor een systeem waarbij de leerlingen volgens alfabet aan een school worden toebedeeld. Het eerste deel van het alfabet (A t/m G/H) gaat naar de nieuwe school. Het middenstuk, kinderen waarvan de achternaam begint met de letter (G/H t/m P), gaat naar de voormalige jongensschool en het laatste deel van het alfabet (R t/m Z) wordt toegewezen aan de vroegere meisjesschool. De scholen worden vanaf nu weer gemengde scholen en er komen nieuwe namen.

 

Op 1 augustus 1966 start de derde school officieel met 2 klassen. De school krijgt de naam ‘Lebuïnus en vindt onderdak in de aula, die de meisjesschool met de VGLO verbindt. De klassen worden gescheiden door een scheidingswand. Een eerste klas van de R.K. Jongensschool komt in de tweede klas van de Lebuïnusschool. Corrie de Marie krijgt klas 1 onder haar hoede en Joop Robbe, hoofd der school, neemt klas 2 voor zijn rekening. In 1967 verhuizen ze naar de containergebouwen bij Dute/ Concordia. Dit semipermanente gebouw heeft tot 1960 dienst gedaan als lesruimte voor de VGLO-school. Van 1960 tot 1967 hebben de kleuters er onderdak gevonden en als die in 1967 ook een nieuw schoolgebouw krijgen, komen de ruimtes vrij voor Joop Robbe en zijn inmiddels 3-klassige school. Ook bouwt de gemeente nieuwe noodgebouwen, ongeveer op de plek waar nu ’t Meeken is. In 1969 verdwijnt het VGLO-onderwijs uit Beltrum. De Lebuïnusschool trekt in de leeggekomen lokalen van de VGLO en eindelijk zit men in een behoorlijk, stenen gebouw.

 

Toen Joop Robbe in 1966 naar Beltrum kwam, was voor hem duidelijk dat hij een totaal andere vorm van onderwijs wilde dan het klassikale. In de eerste jaren werkt de Lebuinusschool wel met afzonderlijke klassen. Waar mogelijk wordt er binnen deze klassen ‘vernieuwend’ gewerkt. Joop is zoekende naar een systeem waarbij het kind uitgangspunt van handelen is en niet een methode. Dan maakt Joop kennis met een school uit Westendorp, waar gewerkt wordt volgens het Jenaplansysteem. Enkele schoolbestuursleden en Joop brengen een bezoek aan deze school en daarna weet Joop het zeker: ‘Dit is wat ik zoek!’. Dit idee over onderwijs is tussen 1920 en 1950 in de Duitse stad Jena ontwikkeld door Peter Petersen. Het is een pedagogisch onderwijsconcept dat voortdurend kan worden aangepast aan de onderwijsomstandigheden. Uitgangspunt is het kind en niet de leerstof. Elk kind mag werken naar eigen aanleg en in eigen tempo, al wordt het kind gestimuleerd om zo goed mogelijke prestaties neer te zetten. Kenmerk van het Jenaplansysteem is ook dat de kinderen niet in jaarklassen, maar in stamgroepen bij elkaar zitten. Er zitten altijd kinderen uit 2 of 3 jaarklassen in dezelfde stamgroep. Daarmee wil men bereiken dat de groep een afspiegeling is van de maatschappij: ook daar ben je immers niet altijd bij elkaar met mensen van dezelfde leeftijd. Het leeftijdsverschil binnen de groep maakt het ook mogelijk hulp te vragen en te geven. In de loop van de diverse schooljaren ben je nu eens de oudste en dan weer de jongste van het stel. En dat geeft steeds zo zijn eigen verantwoordelijkheden. Samen met de teamleden van dat moment en met de steun van het schoolbestuur wordt er keihard gewerkt om de idealen van het Jenaplansysteem op de Lebuïnusschool te realiseren.

 

In 1973 is Zr. Johanna Baptista nog 5 jaren verwijderd van haar pensioen. Het aantal geboortes heeft zich de afgelopen jaren wat gestabiliseerd tot een 40 à 45 kinderen: te weinig om 3 scholen in stand te houden. Er wordt dus gefuseerd: de Ludger-Willibrordschool ontstaat onder leiding van G. Jansen. Zr. Joh. Baptista zal in 1978 de laatste zuster zijn, die uit het Beltrumse onderwijs vertrekt. Het gevolg van de fusie is dat er opnieuw verhuisd moet worden. De Ludgerschool trekt in bij de Willibrordschool aan het Mariaplein en de Jenaplanschool gaat naar het oude schoolgebouw aan de Meester Nelissenstraat. Een super ouderwets gebouw met heerlijk onverwachte ruimtes, waar gezellige hoekjes te maken waren.

 

Hans Miedema begint als hoofd van de school op 1-08-1979 aan de Meester Nelissenstraat. Het gebouw kan wel een likje verf gebruiken en dat is dan ook zijn eerste klus. Ook hij is reuze in zijn sas met het grote, oude gebouw. Helaas voor hem: hij zal amper 2 jaar van dat ruime gebouw kunnen genieten.
Door het teruglopend aantal schoolgaande kinderen in Beltrum wordt in 1981 besloten om beide lagere scholen en het kleuteronderwijs in 2 gebouwen onder te brengen. Door één gebouw af te stoten kan er flink bezuinigd worden op huisvestingkosten. Wel moeten dan kleuterklassen intrekken bij de lagere scholen. De oudste school, het gebouw uit 1921 aan de Meester Nelissenstraat, moet helaas verdwijnen, en werd in 1984 gesloopt. Het is zeker niet het slechtste gebouw, maar economisch is het afgeschreven en dus is het voordeliger om met de jongste gebouwen verder te gaan. De Jenaplanschool, die op dat moment in dat gebouw zit, verhuist voor de zoveelste keer. Ditmaal naar de kleuterschool De Klimop aan de Haarstraat. De kleuters zullen, nog voor de basisschool zijn intrede doet, intrekken bij de lagere scholen. De verhuizing vindt midden in de winter plaats. Ook het Klimop-gebouw kent veel achterstallig onderhoud. Nauwelijks is de oude kleuterschool opgelapt, of er raast op 28 februari 1990 een windhoos over het dorp. Het gebouw van de Jenaplanschool heeft het hard te verduren: het dak is opgetild en er gedeeltelijk van afgewaaid. Alle glas ligt er uit en er is veel wateroverlast. De gehele school verhuist voor ruim een half jaar naar de Hoornhorststraat, naar de voormalige textielfabriek. Het schoolgebouw wordt opgeknapt, maar weer niet grondig. Na heftige regenbuien wordt er heel wat afgedweild!

 

In 1985 doet de basisschool (de kleuterschool werd geïntegreerd in de lagere school) zijn intrede, en behoort de kleuterschool ‘De Klimop’ tot het verleden. Het samengaan met een kleutergroep is een mooie gelegenheid om te zoeken naar een nieuwe naam. De naam ‘Lebuïnusschool’ is moeilijk te schrijven en voor buitenstaanders ook een onbegrijpelijke naam. De keus valt op: ‘Het Tweespan’. Deze naam symboliseert niet alleen het samengaan van de kleuterschool met de basisschool, maar ook het feit dat zowel de ouders als de leerkrachten samen de kar van het onderwijs trekken.

Op 1 december 1998 vindt er opnieuw wisseling van de wacht plaats voor wat betreft het schoolbestuur. Allerlei veranderingen in het onderwijs nopen tot schaalvergroting en in dit geval worden de Beltrumse scholen onderdeel van SKOTA. SKOTA staat voor: Stichting Katholiek Onderwijs Twente Achterhoek. SKOTA is een bestuurlijk samenwerkingsverband tussen scholen uit: Goor, Buurse, Hengevelde, Beltrum, Eibergen, Neede, Rietmolen en Haaksbergen. Onder dit bestuur zal niet alleen de Ludgerschool, maar ook Het Tweespan een prachtige verbouwing ondergaan. Sinds 2002 is de oude kleuterschool voor het eerst echt wind- en waterdicht. Alles is goed geïsoleerd en de omgeving is ook enorm opgeknapt.

 

In augustus 2011 gaan ‘Het Tweespan’ en de ‘Ludgerschool’ fuseren. De Tweespan trekt in bij de Ludgerschool aan het Mariaplein. De fusieschool gaat verder onder de naam ‘De sterrenboog’.

Bron: Meeste informatie en teksten komt uit het boek ‘Van ganzenveer tot toetsenbord’.